Winkelwagen

Uw winkelwagen is leeg!

Veilig betalen,
online of bij uw gekozen vestiging.


Voordelen

  • Niet goed, geld terug
  • Uw bandenkeuze wordt altijd gecheckt door onze banden-experts
  • Montage door specialisten in een van onze 12 vestigingen in Noord Oost Nederland

Bandenadvies

Voor een deskundig advies voor landbouwbanden bent u bij ons aan het juiste adres

Voor een deskundig advies over landbouwbanden moet u bij Profile Tyrecenter Heuver zijn. Dit dankzij de uitgebreide kennis en jarenlange ervaring met specifieke problemen waarmee de landbouwmechanisatie te kampen heeft. Problemen zoals tractie, de berekening van de juiste voorloop, de levensduur en structuurbederf. Profile Tyrecenter Heuver anticipeert op de eisen die agrariërs en loonwerkers stellen. Of het nu gaat om tractorbanden of banden voor weide- en tuinbouwmachines.

Onze 4 full time landbouwadviseurs hebben hun hart verpand aan deze boeiende sector en adviseren u graag! Onze landbouwadviseurs zijn te bereiken via de vestigingen.

Hieronder vindt u enkele handige tips die de levensduur van uw landbouwbanden verlengen. Voor meer tips en informatie kunt u contact opnemen met een van onze vestigingen.

BANDSPANNING
De juiste bandspanning is bepalend voor weggedrag, levensduur, comfort en trekkracht. Voor de levensduur van uw banden is het
van doorslaggevende betekenis, dat u de bandspanning aanpast aan de bedrijfsomstandigheden en deze regelmatig controleert.

TE LAGE BANDSPANNING
Te lage bandspanning kan leiden tot een verkorte levensduur door:

  • beschadigde koordlagen van het karkas, waardoor de band onbruikbaar kan worden;
  • verhoogde slijtage (schouders) bij implement banden en banden voor niet-aangedreven stuurwielen;
  • verhoogde en ongelijkmatige slijtage van de nokken van de aangedreven tractorbanden;
  • het kapotschuren van de koordlagen bij de hiel van de band.


CONTROLEER DE BANDSPANNING REGELMATIG
De bandspanning dient regelmatig te worden gecontroleerd. Om te zorgen dat de gemeten waarde exact is, moet de bandenspanningsmeter ieder jaar worden geijkt. De bandspanning moet worden gemeten wanneer de band koud is. Als een warme band de correcte bandspanning heeft, dan ligt de spanningswaarde na afkoeling te laag.

WEGTRANSPORT EN GEBRUIK OP HET LAND
Dit zijn verschillende toepassingen, die dan ook om verschillende bandspanningen vragen. In de draagvermogengrafieken is daarmee rekening gehouden. Monteer geen radiaal- en diagonaalbanden op dezelfde as, om het weggedrag niet negatief te beïnvloeden.

GEBRUIK ALTIJD DEVOORGESCHREVEN WIELEN
Toepassing van te smalle velgen kan er de oorzaak van zijn dat de hiel van de band niet goed tegen de velghoorn aansluit. Wanneer een band op een te smalle velg is gemonteerd, staat het loopvlak bol en ontstaat er overmatige slijtage van het middendeel van het loopvlak, net als bij te hoge bandspanning.

INSPECTIE
Controleer de banden regelmatig op beschadigingen. Vooral inrijdingen kunnen de koordlagen van het karkas beschadigen. Beschadigde banden moeten door een bandenspecialist worden gecontroleerd en eventueel gerepareerd.

Olie en vet
Om te zorgen dat het rubber niet beschadigt, dient u te voorkomen dat het in contact komt met olie en vet.

BINNENBANDEN
De band mag niet op het wiel slippen. Het ventiel zou van de binnenband losgetrokken kunnen worden. Hier volgen enkele mogelijke oorzaken:

  • te lage bandspanning;
  • de hiel van de band ligt niet goed op het wiel;
  • te veel montagevet gebruikt bij het monteren van de band;
  • verkeerde maat wiel.


De minimale bandspanning voor hoge tractiewerkzaamheden b.v. ploegen) is 1,0 bar bij gebruik van een tube type band (met binnenband). Bij lagere bandspanning bestaat de kans op het verdraaien van de band op de velg en daarmee het afrukken van het ventiel.

BAND VERWISSELEN
Wanneer u in een nieuwe buitenband een oude, al gebruikte binnenband monteert, kunnen er in de binnenband plooien ontstaan. Door de plooien kan de binnenband openbarsten.

MEERDELIGE VELGEN
Gebruik bij meerdelige velgen altijd een velglint. Dit voorkomt beschadiging van de binnenband.

MAATAANDUIDINGEN
Bij landbouw- en industriebanden bestaat een grote variatie in maataanduidingen:

Nominale bandbreedte in mm of inches. Deze geldt voor een onbelaste nieuwe band op spanning, gemonteerd op de meetvelg. Eventueel de hoogtebreedte verhouding in % (H/B). Constructie van de band. “R” staat voor een radiale en “- “ staat voor een diagonale constructie. Velgdiameter code (in mm of inches). Ply-rating of service-omschrijving. De Ply-rating is een aanduiding voor de sterkte van het karkas. De karkassterkte bepaalt de maximum bandspanning. Bij diagonaalbanden wordt de maataanduiding meestal aangevuld met een ply-rating getal en bij radiale banden wordt tegenwoordig een service-omschrijving toegepast. Deze service-omschrijving bestaat uit een draagvermogen-index en bijbehorend snelheidssymbool. Deze combinatie geeft de maximum belasting bij een maximum snelheid aan. De draagvermogenindices en snelheidssymbolen worden in een tabel weergegeven, die te verkrijgen is in onze vestigingen. Er wordt onderscheid gemaakt tussen draagvermogens bij aangedreven- en niet- aangedreven toepassingen.